| # | inventaris | item | datum |
|---|---|---|---|
| 2801 | DC.1/37.0.0 | Kladversie van het testament van Anna de Coninck (+ 1682), meesteres van het Antwerpse begijnhof. In eerste instantie maakte de erflaatster 6.000 gulden, afkomstig van de nalatenschap van haar broer Egidius de Coninck, over aan de hulpbehoevende gemeenschap. De kinderen van haar overleden broer, François de Coninck (1621-1662), ontvingen 4.000 gulden. De nakomelingen uit het eerste huwelijk (met Anna Maria Macquereel + 1661) van haar andere broer, Johan de Coninck (1619-1684), mochten rekenen op 6.000 gulden, alsook op een bijkomende lijfrente van 100 gulden. Het resterende deel van de nalatenschap kwam toe aan Johan de Coninck (1619-1684), terwijl de neef van de erflaatster, priester Joannes Franciscus de Coninck (° 1655), het huis met tuin op het Kiel in ontvangst mocht nemen. Deze laatste trad tevens op als testamentair executeur. | 08-06-1681 08-06-1681 |
| 2802 | DC.1/38.0.0 | Testament van de geestelijke dochter Isabella de Concink (° 1659), de dochter van de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) en Anna Maria Macquereel (+ 1661), opgemaakt door de Antwerpse notaris Jan Baptista Thomas in aanwezigheid van Guilliam De Deker en Ignatius Basijn als getuigen. In eerste instantie wenste de testatrice de inrichting van 1000 zielmissen gehouden in het convent van de Kapucijnen. Daarnaast mocht de orde een legaat van 8.000 gulden in ontvangst nemen voor het onderhoud van de sacristie en ook de Antwerpse huisarmen mochten rekenen op een legaat 8.000 gulden. Haar broer (Jacobus de Coninck 1661-1724) en zus (Anna Maria de Coninck ° 1657) kregen elk een som van 9.000 gulden, terwijl haar oudste broer werd benoemd tot universele erfgenaam van alle resterende roerende en onroerende goederen. | 03-11-1683 03-11-1683 |
| 2803 | DC.1/39.0.0 | Akte afgesloten voor de Antwerpse schepenbank waarin de geestelijke dochter Isabella de Concink (° 1659), de dochter van de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) en Anna Maria Macquereel (+ 1661), haar broer Johannes Franciscus de Coninck (° 1655 - priester) benoemd tot testamentair executeur. De akte werd vervolgens ondertekend door stadssecretaris Peeter Goos. | 22-07-1684 22-07-1684 |
| 2804 | DC.1/40.0.0 | Verklaring vanwege de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) dat zijn ongehuwde kinderen na zijn dood eenieder som van 2.000 gulden zouden ontvangen. | 25-12-1680 25-12-1680 |
| 2805 | DC.1/41.0.0 | Ongedateerde nota uit het grootboek BD van het bankiersbedrijf de Coninck, betreffende enkele openstaande schulden en tegoeden. | 01-01-1600 31-12-1699 |
| 2806 | DC.1/42.0.0 | Uittreksel uit de balans van het jaar 1664 van het bankiersbedrijf de Coninck, betreffende enkele openstaande schulden en tegoeden. | 01-01-1664 31-12-1664 |
| 2807 | DC.1/43.0.0 | Ongedateerd uittreksel uit de zakelijke administratie (1665-1669) van het bankiersbedrijf de Coninck, betreffende enkele openstaande schulden en tegoeden. | 01-01-1600 31-12-1699 |
| 2808 | DC.1/44.0.0 | Balans (27.09.1662) van de inkomsten en verliezen van het bankiersbedrijf de Coninck, die vervolgens werd ondertekend door de Antwerpse notaris Ambrosius Sebille. Een kopie werd verzonden naar Franciscus Macquereel en tot de debiteurs behoorden ondermeer: Anthonij Behaegel, Peeter Verelst, Gillis Rijsheuvel, Adriaen Michiels, Renier Karremans, Peeter Van Slambroeck, Loijs Bollaert, Aert Verloo, Romijn Van Saceghem, Cornelis Patton, Jaecq'ij François Cnuddens, Cornelis Bruijens, Nicolaes Van Gemeren, François Helaut, Jaecq Boon, de Aalsterse advocaat De Rudder en de weduwe van de heer Meganck. | 27-09-1662 10-02-1669 |
| 2809 | DC.1/45.0.0 | Brief van de weduwe van de heer J. Baren vanuit Mechelen aan Jacobus de Coninck (1661-1724), aangaande zakelijke belangen. De briefschrijver trachtte op aangeven van een correspondent (Pieter Verhagen) een onderhoud met de Antwerpse koopman/bankier te bekomen. | 17-11-1686 17-11-1686 |
| 2810 | DC.1/46.0.0 | Brief van de heer Du Mont vanuit Brussel, vermoedelijk aan Jacobus de Coninck (1661-1724), betreffende enkele lopende processen van wijlen koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) tegen ondermeer Jan Wimmers, Laureijs Franckin en secretaris Loijens | 05-05-1685 05-05-1685 |