familie DE CONINCK

Gerangschikt op inventarisnummer. update: 2012-01-26 21:47:11
inventarisitembegindatum
einddatum
DC.1/1.0.0Eigendomsoverdracht van enkele poldergronden van de koopman/bankier Hans de Coninck (1589-1675) en Maria De Buckere (+ 1671) aan de kinderen van hun zoon, Johan de Coninck (1619-1684), en aan hun dochter Anna de Coninck, begijn op het Antwerpse begijnhof. Deze transactie werd geattesteerd voor de Antwerpse schepenen Hendrick van de Werve en ridder Hendrick van Halmale. (kopie zie DC.1/3.0.0) 24/12/1670
13/02/1671
DC.1/2.0.0Kopie van het testament van de koopman/bankier Hans de Coninck (1589-1675) en Maria De Buckere (+ 1671) opgemaakt in hun woning op de Paardenmarkt door notaris Ambrosius Sebille, in aanwezigheid van Johan François Sebille en Peeter 't Kint als getuigen. Naast de gelegateerde landgoederen (zie DC.1/1.0.0) was er zowel voor de kinderen van hun zoon Johan de Coninck (1619-1684), alsook voor de kinderen van hun overleden zoon François de Coninck (1621-1662) en voor hun dochter Anna de Coninck, begijn op het Antwerpse begijnhof, telkens een eenmalige som van 20.000 gulden voorzien. (origineel zie DC.1/4.0.0)30/12/1670
30/12/1670
DC.1/3.0.0Kopie uit het schepenregister aangaande de eigendomsoverdracht van enkele poldergronden van de koopman/bankier Hans de Coninck (1589-1675) en Maria De Buckere (+ 1671) aan de kinderen van hun zoon, Johan de Coninck (1619-1684), en aan hun dochter Anna de Coninck, begijn op het Antwerpse begijnhof. (originele schepenakte zie DC.1/1.0.0) 24/12/1670
24/12/1670
DC.1/4.0.0Testament van de koopman/bankier Hans de Coninck (1589-1675) en Maria De Buckere (+ 1671) opgemaakt in hun woning op de Paardenmarkt door notaris Ambrosius Sebille, in aanwezigheid van Johan François Sebille en Peeter 't Kint als getuigen. Naast de gelegateerde landgoederen (zie DC.1/1.0.0) was er zowel voor de kinderen van hun zoon Johan de Coninck (1619-1684), alsook voor de kinderen van hun overleden zoon François de Coninck (1621-1662) en voor hun dochter Anna de Coninck, begijn op het Antwerpse begijnhof, telkens een eenmalige som van 20.000 gulden voorzien. (kopie zie DC.1/2.0.0)30/12/1670
30/12/1670
DC.1/5.0.0Kopie uit de notarisprotocollen van Ambrosius Sebille aangaande enkele aanvullingen van het testament (30/12/1670) van koopman/bankier Hans de Coninck (1589-1675) en Maria De Buckere (+ 1671). Zo legateerde de weduwnaar 600 gulden aan de Antwerpse huisarmen en aan zijn dienstpersoneel een gezamenlijke som van 450 gulden. De dienstmeiden Catelijne en Joanna Zavelboom ontvingen respectievelijk 200 en 150 gulden eens. Indien zij bij het overlijden van hun meester nog in dienst zouden zijn, mochten zij rekenen op een bijkomend legaat van 78 gulden. Voor zijn carrossier, Adriaen Vanden Heuvel, voorzag de erflater een bedrag van 100 gulden. Tot slot kregen de kinderen van zijn overleden zoon François de Coninck (1621-1662) een aanvullende som van 4.000 gulden. Deze codicil werd opgemaakt in het woonhuis van notaris Sebille in de Israelstraete in aanwezigheid van de getuigen Hendrick Dassonvil en Johan François Sebille. 14/11/1674
14/11/1674
DC.1/6.0.0Goederenstaat van de de nalatenschap (35.141 gulden, 14.25 stuivers) van koopman/bankier Hans de Coninck (1589-1675), weduwnaar van Maria De Buckere (+ 1671). De universele erfgenamen waren wijlen Johan de Coninck (1619-1684) en diens zuster Anna de Coninck, begijn op het Antwerpse begijnhof (elk 17.570 gulden, 17.12 stuivers). Het erfdeel van Johan de Coninck ging naar zijn elf kinderen, die naast het vooziene erfdeel een aanvullende som van 7.200 gulden ontvingen. Uit het eerste huwelijk met Anna Maria Macquereel (+ 1661) ontsproten: Johannes Franciscus de Coninck, Anna Maria de Coninck (gehuwd met Justus Anthonius De Jonghe, zetelend in de Provinciale Raad van Vlaanderen, die tevens optrad als haar momboir), Isabelle de Coninck (geestelijke dochter) en Jacobus de Coninck (1661-1724), die de familiezaak zou overnemen. Het tweede huwelijk met Helena Chauvin (1641-1698) bracht zeven niet nader genoemde kinderen voort. Andere erfgenamen waren: Janneken Zavelboom (dienstmaagd - erfgenaam), Catelijne Zavelboom (dienstmaagd - erfgenaam), en Adriaen Vanden Heuvel (carrossier - erfgenaam). Haar broer Paulo Michiel Chauvin, tevens aalmoezenier van Antwerpen, trad op als testamentair executeur. De goederenstaat werd op 20/02/1685 goedgekeurd door de Antwerpse binnenburgemeester Jacob Antoon De Witte en stadssecretaris A. Van Valckenisse. 21/02/1685
21/02/1685
DC.1/7.0.0Tweede exemplaar van de goederenstaat van de nalatenschap (35.141 gulden, 14.25 stuivers) van koopman/bankier Hans de Coninck (1589-1675), weduwnaar van Maria De Buckere (+ 1671). De universele erfgenamen waren wijlen Johan de Coninck (1619-1684) en diens zuster Anna de Coninck (+ 1682), begijn op het Antwerpse begijnhof (elk 17.570 gulden, 17.12 stuivers). Het erfdeel van Johan de Coninck ging naar zijn elf kinderen, die naast het voorziene erfdeel een aanvullende som van 7.200 gulden ontvingen. Uit het eerste huwelijk met Anna Maria Macquereel (+ 1661) ontsproten: Johannes Franciscus de Coninck (priester), Anna Maria de Coninck (gehuwd met Justus Anthonius De Jonghe, zetelend in de Provinciale Raad van Vlaanderen, die tevens optrad als haar momboir), Isabelle de Coninck (geestelijke dochter) en Jacobus de Coninck (1661-1724), die de familiezaak zou overnemen. Het tweede huwelijk met Helena Chauvin (1641-1698) bracht zeven niet nader genoemde kinderen voort. Andere erfgenamen waren: Janneken Zavelboom (dienstmaagd - erfgenaam), Catelijne Zavelboom (dienstmaagd - erfgenaam), en Adriaen Vanden Heuvel (carrossier - erfgenaam). Haar broer Paulo Michiel Chauvin, tevens aalmoezenier van Antwerpen, trad op als testamentair executeur. De goederenstaat werd op 20/02/1685 goedgekeurd door de Antwerpse binnenburgemeester Jacob Antoon De Witte en stadssecretaris A. Van Valckenisse. 21/02/1685
21/02/1685
DC.1/8.0.0Akte in het Latijn (nog te vertalen)01/01/1654
31/12/1654
DC.1/9.0.0Kopie van het testament van Anna de Coninck (+ 1682), meesteres van het Antwerpse begijnhof, opgemaakt in haar woning op het Antwerpse begijnhof door notaris Reynier Vanden Berge, in aanwezigheid van Jan Faes (lijnwaadwever) en Niclaes Van Deuren als getuigen. In eerste instantie maakte de erflaatster 6.000 gulden, afkomstig van de nalatenschap van haar broer Egidius de Coninck, over aan de hulpbehoevende gemeenschap. De kinderen van haar overleden broer, François de Coninck (1621-1662), ontvingen 4.000 gulden. De nakomelingen uit het eerste huwelijk (met Anna Maria Macquereel + 1661) van haar andere broer, Johan de Coninck (1619-1684), mochten rekenen op 6.000 gulden, alsook op een bijkomende lijfrente van 100 gulden. Het resterende deel van de nalatenschap kwam toe aan Johan de Coninck (1619-1684), terwijl de neef van de erflaatster, priester Joannes Franciscus de Coninck, het huis met tuin op het Kiel in ontvangst mocht nemen. Deze laatste trad tevens op als testamentair executeur. 08/06/1681
08/06/1681
DC.1/10.0.0Goederenstaat van de de nalatenschap (26.095 gulden en 3,33 stuivers) van Anna de Coninck (+ 1682), meesteres van het Antwerpse begijnhof. De universele erfgenamen waren de elf overlevende kinderen van Johan de Coninck (1619-1684) uit zijn huwelijk met Anna Maria Macquereel (+ 1661) en Helena Chauvin (1641-1698). De goederenstaat werd op 20/02/1685 goedgekeurd door de Antwerpse binnenburgemeester Jacob Antoon De Witte en stadssecretaris A. Van Valckenisse. 21/02/1685
21/02/1685
DC.1/11.0.0Inventaris van de nagelaten documenten (renten, wisselbrieven, obligaties, ...) van Anna de Coninck (+ 1682), meesteres van het Antwerpse begijnhof, opgemaakt door notaris Ambrosius Sebille op vraag van priester Joannes Franciscus de Coninck, die optrad als testamentair executeur.04/06/1682
04/06/1682
DC.1/12.0.0Tweede exemplaar van de goederenstaat van de de nalatenschap (26.095 gulden en 3,33 stuivers) van Anna de Coninck (+ 1682), meesteres van het Antwerpse begijnhof. De universele erfgenamen waren de elf overlevende kinderen van Johan de Coninck (1619-1684) uit zijn huwelijk met Anna Maria Macquereel (+ 1661) en Helena Chauvin (1641-1698). De goederenstaat werd op 20/02/1685 goedgekeurd door de Antwerpse binnenburgemeester Jacob Antoon De Witte en stadssecretaris A. Van Valckenisse.21/02/1685
21/02/1685
DC.1/13.0.0Afrekening van het sterfhuis (nalatenschap) van Anna de Coninck (+ 1682). De vernoemde erfgenamen waren de elf kinderen van Johan de Coninck (1619-1684), wiens (stief)moeder Helena Chauvin (1641-1698) en oom Paulo Michiel Chauvin (tevens testamantair executeur en aalmoezenier te Antwerpen) optraden als testamentaire momboirs of voogden. Vier van deze kinderen stamden uit het eerste huwelijk van Johan de Coninck (1619-1684) met Anna Maria Macquereel (+ 1661) te weten: Johannes Franciscus de Coninck (priester), Anna Maria de Coninck (gehuwd met Justus Anthonius De Jonghe, zetelend in de Provinciale Raad van Vlaanderen, die tevens optrad als haar momboir), Isabelle de Coninck (geestelijke dochter) en Jacobus de Coninck (1661-1724), die de familiezaak zou overnemen. Achterstallige schulden dienden nog vereffend te worden door Anna Wiggers, weduwe van wijlen dokter Simon Des Mares, Franchois de Witte en Joos Eeijvaerts. Deze afrekening werd op 09/10/1685 goedgekeurd door de Antwerpse binnenburgemeester Jacob Antoon De Witte en stadssecretaris Andries Van Valckenisse.28/05/1685
28/05/1685
DC.1/14.0.0Kwitantie waarin Johannes Franciscus de Coninck (priester) verklaarde ontvangen te hebben uit handen van Helena Chauvin (1641-1698), weduwe van Johan de Coninck (1619-1684) een derde deel van de erfenis van zijn zuster, Isabelle de Coninck (geestelijke dochter). Het resterende deel van de nalatenschap werd verdeeld onder Jacobus de Coninck (1661-1724), Anna Maria de Coninck (gehuwd met Justus Anthonius De Jonghe, zetelend in de Provinciale Raad van Vlaanderen, die tevens optrad als haar momboir) en de overlevende kinderen van het echtpaar Chauvin-de Coninck. Naast Helena Chauvin (1641-1698) trad ook haar broer, Paulo Michiel Chauvin (aalmoezenier te Antwerpen), op als testamentair voogd/momboir. 08/02/1687
08/02/1687
DC.1/15.0.0Balans van de deposito's (?) die werden beheerd door koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684).30/12/1661
30/12/1661
DC.1/16.0.0Opsomming (met watermerk) van verschillende renten met een gezamelijke kapitaalwaarde 45.000 gulden, die de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) als bruidschat meegaf aan zijn dochter Anna Maria de Coninck, die gehuwd was met Cornelis Du Mont. (Later trad Anna Maria voor een 2e maal in het huwelijksbootje met Justus Anthonius De Jonghe, zetelend in de Provinciale Raad van Vlaanderen - zie 1/6.0.0 en 1/7.0.0). Enkele vernoemde debiteurs waren: postmeester Roelants (kapitaalrente van 24.000 gulden op zijn huis op het Kipdorp te Antwerpen), Gillis Huysmans (kapitaalrente van 4.000 gulden op zijn huis Den Rooden Leeuw in de Schuytstraet te Antwerpen), Jan Baptista Villa (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis S(in)te Quintiens in de Schuttershofstraat te Antwerpen), Norbertus Miertmans en Jacobus Van Breusegem (borg van 8.000 gulden), Cornelis Vande Kerckhoven (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis Den Gulden Appel over het klooster van de predikheren te Antwerpen) en Daniël Ryns (kapitaalrente van 1.500 gulden op zijn huis aan het Tappisierspand te Antwerpen).06/05/1675
06/05/1675
DC.1/17.0.0Kopie van een volmacht opgemaakt door notaris Ambrosius Sebille op aangeven van de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684), in aanwezigheid van de getuigen Joannes Franciscus Sebille en Jacques Lenaerts. Zo kreeg de neef van de opdrachtgever Gillis Du Mont, de broer van Cornelis Du Mont, de opdracht de uitbetaling van de bruidschat (renten) aan Anna Maria de Coninck in goede banen te leiden. (Later trad Anna Maria voor een 2e maal in het huwelijksbootje met Justus Anthonius De Jonghe, zetelend in de Provinciale Raad van Vlaanderen - zie 1/6.0.0 en 1/7.0.0). Schuldenaars waren ondermeer: postmeester Roelants (kapitaalrente van 24.000 gulden op zijn huis op het Kipdorp te Antwerpen), Gillis Huysmans (kapitaalrente van 4.000 gulden op zijn huis Den Rooden Leeuw in de Schuytstraet te Antwerpen), Jan Baptista Villa (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis S(in)te Quintiens in de Schuttershofstraat te Antwerpen), Norbertus Miertmans en Jacobus Van Breusegem (borg van 8.000 gulden), Cornelis Vande Kerckhoven (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis Den Gulden Appel over het klooster van de predikheren te Antwerpen) en Daniël Ryns (kapitaalrente van 1.500 gulden op zijn huis aan het Tappisierspand te Antwerpen). 03/08/1675
03/08/1675
DC.1/18.0.0Volmacht vanwege de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) aan zijn neef Gillis Du Mont om op te treden als testamentair momboir over de kinderen uit diens eerste huwelijk met Anna Maria Macquereel (+ 1661). Het betrof een kapitaalrente van 24.000 gulden (4.000 ponden Vlaams) bezet op het huis van postmeester Roelants, die bestemd was voor Anna Maria de Coninck die gehuwd was met Gillis' broer Cornelius Du Mont. (Later trad Anna Maria voor een 2e maal in het huwelijksbootje met Justus Anthonius De Jonghe, zetelend in de Provinciale Raad van Vlaanderen - zie 1/6.0.0 en 1/7.0.0). Gillis droeg zijn testamentaire voogdij op zijn beurt over aan zijn broer Cornelis Du Mont, hetgeen op 14/01/1676 werd goedgekeurd door Antwerpse binnenburgemeester Philips Schoyte en stadssecretaris Maximinus Gerardi en ondertekend door H. Suijers. 02/01/1676
02/01/1676
DC.1/19.0.0Goedkeuring voorgelegd door de testamentaire momboirs Johan de Coninck (1619-1684) en zijn schoonzoon Cornelis Du Mont, betreffende de toekenning van een rente van 300 gulden aan Johannes Franciscus de Coninck (° 1655) voor diens priesterwijding. De goedkeuring werd gegeven door Antwerpse binnenburgemeester Librecht Van den Hove en stadssecretaris Maximinus Gerardi.23/03/1678
23/03/1678
DC.1/20.0.0Notariële akte opgetekend door de Antwerpse notaris Ambrosius Sebille, waarbij priester Johannes Franciscus de Coninck (° 1655), de zoon van de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) en Anna Maria Macquereel (+ 1661), werd aangesteld tot testamentair momboir/voogd over zijn minderjarige zus (Isabella de Coninck - geestelijke dochter) en broer (Jacobus de Coninck 1661-1724 - koopman/bankier in spe). Notaris Gaspar Verstockt en Alexander Sebille traden op als getuigen.08/04/1680
08/04/1680
DC.1/21.0.0Goedkeuring voorgelegd door de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) voor de benoeming van diens oudste zoon, priester Johannes Franciscus de Coninck (° 1655), tot testamentair momboir/voogd over zijn minderjarige zus (Isabella de Coninck - geestelijke dochter) en broer (Jacobus de Coninck 1661-1724 - koopman/bankier in spe). Het document, dat tevens werd opgetekend door notaris Ambrosius Sebille (zie DC.1/20.0.0), werd op 11 april 1680 ter goedkeuring voorgelegd aan het Antwerpse college van burgemeester en schepenen en goedgekeurd en ondertekend door Jan van Buere op 25/05/168025/05/1680
25/05/1680
DC.1/22.0.0Korte optekening van een rente van 750 gulden erfelijk ten gunste van Johannes Franciscus de Coninck (° 1655) voor zijn wijding tot priester. 22/03/1678
22/03/1678
DC.1/23.0.0Opsomming van allerlei inkomsten (voornamelijk renten) voor een totaalbedrag van 95.608 gulden.01/01/1682
31/12/1682
DC.1/24.0.0Opsomming van allerlei inkomsten (voornamelijk renten) voor een totaalbedrag van 45.990 gulden. Enkele vernoemde debiteurs waren: postmeester Roelants (kapitaalrente van 24.000 gulden op zijn huis op het Kipdorp te Antwerpen), Gillis Huysmans (kapitaalrente van 4.000 gulden op zijn huis Den Rooden Leeuw in de Schuytstraet te Antwerpen), Jan Baptista Villa (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis S(in)te Quintiens in de Schuttershofstraat te Antwerpen), Norbertus Miertmans en Jacobus Van Breusegem (borg van 8.000 gulden), Cornelis Vande Kerckhoven (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis Den Gulden Appel over het klooster van de predikheren te Antwerpen) en Daniël Ryns (kapitaalrente van 1.500 gulden op zijn huis aan het Tappisierspand te Antwerpen). (zie ook DC.1/16.0.0)///1/7400
31/12/1675
DC.1/25.0.0Onduidelijke nota betreffende de verkoop van renten van de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684).25/04/1675
25/04/1675

pagina: <1> 2 3 4 5 6 7 8